Protocollen

Foto's:

Bright Company - Protocollen

Reinheidsprotocol

hanteert het reinheidsprotocol waarbij er sprake is van een harde ondergrond. Wanneer de onderdelen verdere applicaties dienen te ondergaan zoals verlijming of aanhechting met andere metalen of kunststoffen hanteert S het protocol voor "oppervlakte reinheidspanning " vanaf 36 tot 44.
Voor iedere reinigingsproblematiek wordt er in overleg met de klant een reinigingsprotocol gemaakt, zodat alles conform de opdracht reproduceerbaar is en controleerbaar.

Inleiding


Het reinheidsprotocol is toepasbaar bij voorwerpen met een harde ondergrond welke vervuild zijn met vezels, stof, slijpsel of andere als dusdanig te definiëren deeltjes. Het protocol is gebaseerd op de kwantitatieve en kwalitatieve aanwezigheid van deeltjes op het oppervlak.


Normen


De reinheidsnormen zijn onderverdeeld in twee categorieën welke zijn onderverdeeld in klassen. De categorieën zijn respectievelijk kwalitatief en kwantitatief, binnen deze definiëring wordt er per categorie een nader onderscheid gemaakt per klasse,
namelijk 1 t/m 4


Kwantitatieve norm


De klasse zijn oplopend in norm: klasse 1 de laagste, klasse 4 de hoogste. Bepaald wordt de massa aanwezige vezels/ vervuiling per oppervlaktemaat.

Klasse Norm (mg/m2)
1 100-500
2 <100
3 <50
4 <20


Klasse Norm (micron)
1 <100*
2 <100*
3 <100
4 <40


* Voor de klasse 1 en 2 geldt dat de maximale lengte van de deeltjes kleiner dan 500 micron moet zijn, de hoogte en breedte moet onder de in de tabel gestelde norm liggen.


Bepaling


De kwalificatie komt tot stand met behulp van de standaardtest. De standaardtest omvat een spoeling van het te kwalificeren element. Een nadere omschrijving van de standaardtest vindt men in het kwalificatieprotocol.
De kwantificatie vindt plaats via optische bestudering. Een nadere omschrijving van deze test vindt men in het kwantificatieprotocol.



© Bright Company 2007


 

| Site Map | Contact | ©2007 Bright Company